Wanneer is geuroverlast in de VvE onrechtmatig?

Regelmatig bespreekt VvE mediator Margreet Malda kort en bondig een VvE uitspraak. Zij doet dit steeds aan de hand van drie punten. Die punten zijn:

  1. Casus in het kort (gevisualiseerd)
  2. Wat vindt de rechter?
  3. Wat moet ik onthouden?

Deze maand kijken we naar een uitspraak van de rechtbank Gelderland. De hele uitspraak is te vinden via de volgende link. Aan de orde was de vraag of de geuroverlast die een lid van een Vereniging van Eigenaren (VvE) veroorzaakte onrechtmatig was.

Casus in het kort

 

Geuroverlast in VvE onrechtmatig?

De kernvraag in deze zaak is: Handelt de bewoner van een appartementencomplex onrechtmatig doordat hij geuroverlast veroorzaakt? De rechter vindt dat eiser dit inderdaad aannemelijk heeft gemaakt.

De rechter kwam tot die conclusie doordat eiser een tweetal rapporten overlegde die de hinder bevestigden. Ook heeft eiser verklaringen van derden overgelegd die verklaren dat de geuroverlast in de woning zeer ernstig is. Verder heeft eiser aangevoerd dat hij ten gevolge van de geuroverlast geregeld last heeft van gezondheidsklachten, zoals irritatie aan de luchtwegen en ogen, hoofdpijn, benauwdheid, duizeligheid, misselijkheid en vermoeidheid. Ook heeft eiser erop gewezen dat hij de geuroverlast voortdurend ervaart als en zodra hij thuis is. Volgens eiser is ook van belang dat hij al in het gebouw van de VvE woonde (ver) voordat gedaagde de winkelruimte ging huren.

Wat vindt gedaagde zelf van de geuroverlast?

Gedaagde is het niet gelukt om daar (voldoende) overtuigende argumenten tegenover te zetten. Daarom oordeelde de rechter als volgt.

Wanneer is hinder onrechtmatig?

De rechter heeft bij de beoordeling te maken met wettelijke bepalingen en jurisprudentie. Uit de wet blijkt op grond van artikel 5:37 BW en artikel 6:162 dat je aan een ander geen onrechtmatige hinder mag toebrengen. Aanvullend moet er een belangenafweging plaatsvinden en kijkt de rechter naar diverse factoren, waaronder:

  1. de aard van de hinder;
  2. de ernst van de hinder;
  3. de duur en frequentie van de hinder;
  4. de omstandigheden waaronder de hinder plaatsvindt;
  5. de vraag welk (algemeen) belang wordt gediend met de hinder;
  6. de mogelijkheid en bereidheid om de hinder te voorkomen;
  7. de vraag of diegene die zich beklaagt zich daar heeft gevestigd voor dan wel na het tijdstip waarop de hinder aanving;
  8. het tijdstip van de hinder veroorzakende activiteiten;
  9. de schade die door de hinder is toegebracht;
  10. het moment waarop wordt geklaagd.

Wat moet ik onthouden?

Ervaar je geuroverlast van je buren? Dan is dat lang niet altijd te kwalificeren als onrechtmatige hinder in de zin van de wet en de jurisprudentie.

Disclaimer: Deze blog is slechts een korte en bondige uitleg van de uitspraak. Ik pretendeer geenszins volledig te zijn. Om een compleet beeld te krijgen van alle rechtsoverwegingen verwijs ik u naar de uitspraak zelf. De uitspraak is te vinden met de volgende aanduiding: ECLI: NL:RBGEL:2020:971

Dit bericht is geplaatst op  donderdag 30 april 2020.

Reacties


Discussiëren over dit onderwerp? Ga naar het VvE-Forum op VvE-Forum.nl

Reageren op dit artikel kan hieronder.
Wilt u discussiëren of heeft u een vraag? Surf dan naar VvE-Forum.nl

Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd.